|
De natie
Dit land, met bijna 70 miljoen inwoners, draagt in de taal ervan, het Arabisch, ook een heel andere naam, nl. Misr, dat men afgeleid denkt van het Hebreeuwse woord Mizraim. Deze laatste was Noachs kleinzoon van wie de afstammelingen zich in Noord-Oost Afrika rond de Nijl hebben gevestigd. De volledige huidige naam van het land is Jumhuriyah Misr al-Arabiyah, wat in het Nederlands wordt weergegeven als de Verenigde Arabische Republiek Egypte. Het woord egypte is een fonologisch verwrongen Egyptische woord, kemit of kmt, dat zwart land (het nijlslib) betekent. Later werd het land ook Hwt-ka-Ptah of Hout-ak Ptah genoemd, dat Huis van de Ka van Ptah inhield. Maar de Grieken hadden moeite met de uitspraak en maakten van Hwt-ka-Ptah het wel uit te spreken equivalent Aegyptus (Aigyptos). Dat werd weer Egypte in de moderne talen.
Naar we kunnen aannemen is Egypte de oudst bekende continu bestaande georganiseerde en geciviliseerde natie in de geschiedenis en werd ze omstreeks 2100 vC geformeerd. In 1787 werd de Islamitische wereld opgeschrikt toen Napoleons legers op eenvoudige wijze Egypte veroverden (terwijl ze er later tevens van beschuldigd werden de neus van de grote sfynx eraf geschoten te hebben - piramidologie). Voor Napoleon waren de piramiden in de 16e eeuw reeds bezocht door een andere fransman, nl. Pierrre Belon, die daardoor de eerste egyptologische wetenschapper werd. Bij de 19e eeuwwisseling was Egypte een zwaar met schulden beladen land geworden. Afgezwakt viel het onder Britse controle, waarna het in 1914 een Brits protectoraat werd. Vervolgens verkreeg het in 1922 weer zijn onafhankelijkheid, hoewel de Britse troepen niet voor 1947 waren verdwenen.
De taal
In Egypte wordt de Hamitische taal Arabisch gesproken, het (oud-) Egyptisch is verdwenen. Het Egyptische Arabisch wordt algemeen als standaard Arabisch beschouwd. Het schrift wijkt zeer af van het latijnse schrift dat wij kennen, maar laat zich heel goed gebruiken om kalligrafisch vorm gegeven teksten te schrijven. Arabisch en Hebreeuws zijn aan elkaar verwante Zuid-Semitische talen (Semitisch-Hamitische taalgroep), maar het Arabisch wijkt meer van de semitische talen af dan enig andere semitische taal en Arabisch heeft daarentegen in de tijd minder veranderingen ondergaan. Deze taal is daarom een hulp gebleken om andere oudere Semitische talen beter te begrijpen.
Het typisch Egyptische maar niet zo praktische hiërogliefen, ideografische tekens of beeldschrift, is lang in gebruik geweest tot zij een ander meer lopende schriftvorm ontwikkelden (hiëratisch schrift) om te kunnen schrijven. Dat is daarna nog verder uitontwikkeld naar het demotisch schrift. De ontwikkelingen verwaterden dermate onder invloed van allerlei omstandigheden, dat de kennis ervan verloren ging en men tot de negentiende eeuw de hiërogliefen niet meer kon lezen. Door een bijzondere vondst in 1799 van een steen met een tekst in hiërogliefen en Grieks (uit 200 vC) heeft men het schrift kunnen ontcijferen. Het oorspronkelijke Egyptisch was een Hamitische taal en naar het schijnt meer verwant aan Afrikaanse dan aan Semitsche talen. Toen bijv. vroegere bezoekers die een Semitische taal spraken naar Egypte kwamen om voedsel te halen, was er een tolk nodig om de bedoelingen duidelijk te maken. En eigenlijk heeft niemand er een idee van hoe die taal werd uitgesproken, zodat we slechts bij benadering de fonologische klanken kunnen reconstrueren.
Herkomst van 'piramide'
In Oudegyptische teksten woord de piramide aangeduid met 'mr.'. Het Griekse woord pyramous, dat een piramidevormige taart van tarwebloem en honing aanduidde, werd voor het eerst gebruikt door Herodotus, de vader van de geschiedschrijving en werd klaarblijkelijk het gebruikelijk woord voor de Egyptische grafmonumenten. De Egyptoloog Maspero meende dat het woord afkomstig was van em-pri-ous in de Egyptische wiskunde gebruikt voor een van de zijden van de pimamides. De preciese oorsprong van het woord blijft echter onduidelijk.
De term per-aâ [als titel 'farao' voor wie dit graf bestemd was] is ons door de Hebreewen in zijn Griekse vorm aan ons overgeleverd als farao. (N. Bosques, R. Posthuma)
Het toerisme
Ondanks de indruk van een oneindig dor en zanderig woestijnimago is Egypte een bloeiend toeristisch trekpleister dat nog steeds aan populariteit wint. Bekende badplaatsen aan de Rode Zee zijn bijv. Sharm el Sheik en Hurghada waar een groot deel van het jaar een ontzaggelijke hoeveelheid West- en Oost-Europeanen recreëert. Hier is het goed toeven, maar meer het binnenland in is het al snel te heet. Hier heerst een uitstekend klimaat en de bevolking is er
beschaafd. Er worden veel excursies ge- organiseerd, zoals naar Cairo, de Aswandam en Luxor (met de monumentale tempel van Karnak en ook van Amon), maar u kunt ook naar de graftomben van de farao's in de Koningsvallei of zelfs een cruise op de Nijl maken. Houd in gedachten dat dit gepaard gaat met een welhaast verzengende hitte die de 45 graden kan overschrijden. Op het internet zijn interessante aanbiedingen te vinden om u snel en zo goedkoop mogelijk met het vliegtuig naar Egypte te laten vervoeren, wat vanuit Nederland een reis van ongeveer vier uur is.
De infrastruktuur van het land ligt nog beneden pijl, maar er gaat nu iets aan gedaan worden. Er is nl. een dringende reden. De Egyptische regering wil de Olympische Spelen 2020 naar dit land halen. En dan moeten er dus een heleboel mensen goed uit de weg kunnen in het land.
Het land heeft heeft veel last gehad - wie niet - van de crediet crisis. In Egypte komt dit nog harder aan, omdat de toeristen weg blijven, terwijl bijna 15 % van de bevolking kwa inkomen afhankelijk is van de toeristensector. Een andere maatregel is om bijv. taxichauffeurs, verkopers, obers e.a. die wel eens negatief overkomen en direct met buitenlanders in aanraking komen voor een heropvoeding in aanmerking te laten komen. Dit geldt tevens voor het milieu en de aantrekkelijke Egyptische natuur.
De egyptoloog
Wat zoekt hij in Egypte? Is er nog wat te vinden na plunderingen en vier honderd jaar (moderne) opgravingswerkzaamheden? Een moderne onderzoeker zoekt naar restjes en hoopt - tegen beter weten in - op nog één keer een grote vondst, zoiets als van Toetankamon. Maar daar lijkt weining kans op. In tegenstelling tot toeristen moet een egyptoloog hard en lang werken, want de temperatuur zit niet mee, een klimaatregeling is er vaak ook 's nachts niet en een lang verblijf zit er tevens niet in. Daarnaast moet al het gevonden direct aan de Egyptische autoriteiten worden overgedragen. Niet onrechtvaardig, maar wel een beetje droevig, natuurlijk, want zal het daarna ooit nog te zien zijn. De motivatie van zo'n werkende geschiedgeleerde is vaak even ondoorgrondelijk als de oude mythische Egyptische cultuur waarnaar men onderzoek doet. En dit kan nog eeuwen duren.
De piramiden
Bij het noemen van Egypte komt voor de meesten het woord mummie eerst te voorschijn, daarna onmiddellijk gevolgd door de piramiden, de oudste bouwwerken ter wereld.
De piramiden zijn eenvoudig gezegd gewone graftomben. Ze werden gebouwd over een dodenkamer voor de man die het liet bouwen. Men heeft er alleen een kolossaal werk van gemaakt en er wereldvermaardheid mee verkregen. De reusachtige tomben zijn opgebouwd door het wiskundig nauwkeurig opeenstapelen van gehouwen en bewerkte blokken steen tot een hoogte van wel 140 meter. Deze blokken die ieder
tonnen wogen waren onwaarschijnlijk vlak afgewerkt en pasten welhaast naadloos aan elkaar. De gevolgde bouwmethode is niet bekend, maar het moet een immens werk geweest zijn dat lang tot zelfs meer dan enkele decennia van het leven van de farao-bouwer tienduizenden arbeiders nodig heeft gehad. Men neemt aan dat om de piramiden dorpen waren aangelegd waar 'werknemers' woonden. Het is naar het schijnt niet alleen of zelfs geen slavenwerk geweest.
Op dit moment moeten we ook even de grootheid hoogte nader invullen. Tot op het moment van de bouw van de Eiffeltoren (1889 nC, 317 mtr., Parijs, Fr.) waren de piramiden de hoogste door mensen voortgebrachte bouwwerken. Maar sinds juli 2007 staat het hoogste bouwwerk ter wereld in de vorm van de Burj Dubai toren (512 mtr., streefhoogte 700 mtr. vermoedt men) in het olie- en steenrijke oliestaatje Dubai. Maar daar zijn geen geheimen over, behalve nog de absolute bouwhoogte tot op dit moment, terwijl de geheimen van de piramiden nog menigtal zijn en dat zal nog wel even duren. In Djedda wil men de Mile High Tower realiseren, die, zoals de naam reeds zegt, een mijl ofte wel 1600 meter hoog moet worden. Opnieuw een prestige projekt.
Eigenschappen
Omdat er zo'n wazige sfeer hangt rondom het fenomeen piramide, hebben veel wetenschappers zeer veel vreemde theoriën opgeworpen (piramidologie) over eigenschappen van deze monumentale bouwwerken. Daar de kulten van de oude Egyptenaren weliswaar door nogal wat vreemde gewoonten werden gekenmerkt, denkt men daarom de piramiden vreemde eigenschappen te kunnen toebedelen. Aan de andere kant moet een volk dat in staat was dergelijke constructies te realiseren toch wel een redelijk grondige kennis van diverse zaken eigen zijn geweest. Niet uitsluitend nauwkeurig houwen, transport, constructie en organisatie leiden daartoe, maar ook de ligging, afmetingen en eigenschappen van een complex gangenstelsels in een piramide doet vermoeden dat de Egyptenaren mathematisch zeer onderlegd waren.
Ze waren echter ook bijgelovig en onrealistisch gelovig. In dit laatste kan de wortel tot de bouw van de piramiden weleens teruggevonden worden. Zij dachten dat het als tussenstation de poort naar de hemel zou zijn. Hoe dan ook, het heeft ons wel het laatst overgebleven en monumentaal wereldwonder opgeleverd.
Sinds men meer en meer onderzoek naar de grote piramiden ging doen, ontwikkelde zich tevens een soort piramide-eigenschappen-cultuur, ook smalend aangeduid als piramidologie (en piramidiotie of pseudo-egyptologie) door de echte kenners, de egyptologen. In oktober 1999 beleefde men zelfs een echte Alternative Egypt Questing Conference, waar zelfs intellectuelen de meest ongelooflijke bedenksels ter sprake brachten. Men heeft bijv. voorgesteld dat bepaalde afmetingen - vooral van Cheops - konden worden aangegeven in z.g. duimen of piramidale duimbreedten die zelfs verwant zouden zijn aan de omtrek van de aarde of de opbouw van het zonnestelsel. En in de afmetingen van de piramiden zouden toekomstige gebeurtenissen zijn opgesloten. De fantasie werd mysterieus en stevig geprikkeld door deze enorme bouwwerken waarvan geen enkele aantekening bewaard is gebleven. Dus ruimte voldoende voor speculatie, tot filosofische toe. Sommigen bijv. zijn van mening dat de piramiden zijn achtergelaten door een eerdere beschaving (Atlantis) of zelfs na bezoeken van buitenaardse wezens in de pre-historie. Want de kennis en technologie van de Egyptenaren was niet voldoende ontwikkeld om dergelijke werken op te leveren (astromagie). Om maar iets te noemen. En of het woord piramide iets met het getal pi te maken heeft wordt ook bediscussiëerd. Aan de andere kant koesteren anti-piramidologen wel eens de gedachte dat het bezoek van buitenaardse wezens wel tot de mogelijkheden heeft behoord, wat weer tot nadere verwarring aanleiding kan zijn. En soms wordt Egypte verweten geheime kennis over de piramiden achter te houden, waarachter weer komplottheorieën schuil gaan.
Jaartelling
In iedere wetenschappelijk georiënteerde gemeenschap doen zich grenzen voor. Zelfs in dezelfde klasse van onderzoek, zoals in de egyptologie, treft men subculturen aan, groepen die over het vak of onderdelen van het vak geheel anders denken. Wetenschappelijke methoden van onderzoek leveren vaak verschillende uitkomsten op. En ook aan wetenschappers is soms een zin van hoogmoed of een gebrek aan nederigheid niet vreemd. Daarom is het dikwijls moeilijk onderzoeken te coördineren, op elkaar af te stemmen of over maatstaven overeenstemming te bereiken. En dan zegt de een dit en de ander dat, terwijl ze over hetzelfde onderwerp spreken, maar ieder een andere gedachtengang volgt. Dit, nu, levert ook een probleem op bij het vaststellen van de juiste datum van de bouw van de piramiden. Breng maar eens twintig palentologen in een kamer bijeen en na tien minuten nog maar eens de orde te bewaren.
Beschouw nu eens het feit van de meetalen gereedschappen waarover de Egyptenaren beschikten. De Chinese cultuur is vermoedelijk jonger dan de Egyptische, maar de Chinezen echter kenden het ijzersmeden vanaf het begin af aan, maar de Egyptenaren wil men dit onthouden. Dan wordt het wel moeilijk om iets te bedenken dat het bewerken van harde granieten piramideblokken mogelijk maakt, terwijl het in feite voor de hand ligt. Geen chronologie is zo slecht bijgehouden als die van Egypte. Daar zijn redenen voor aan te dragen. Die zorgen nu echter voor een probleem, want er is geen wetenschapper die in de nagelaten Egyptische cultuur ook maar enig houvast kan vinden inzake het vaststellen van een datum. In de Israelische geschiedenis is het jaar 14 nC als een wetenschappelijk en chronologisch gekenmerkt jaar, een vast en alom erkend punt in de geschiedenis, van waaruit men heen en terug kan redeneren wat betreft de jaartelling en het vaststellen van gebeurtenissen van die natie. In de egyptologie ontbreekt een dergelijk punt van houvast te enen male.
De Methuselah is een zeer oude Brithelcone Pine (een boom die als borstelden of borstelkegel wordt aangeduid). In het Guinness Book of Records '97 wordt een boom van dit soort die onder bijzondere omstandigheden in de White Mountains van Californië (USA) groeit op 3000 meter hoogte, aangeduid als de oudst nog levende boom op aarde (4774 jaar op dit moment). Dit houdt echter nog iets opmerkelijks in. Hij werd geplant, of begon te groeien, voor de Grote of wereldomvattende Vloed in Noachs dagen. De profeet Jezus heeft dit zelfs nog aangehaald (Luk 17:26), en over hem is meer historisch materiaal overgebleven dan over bijv. Julius Caesar van wie niemand het in twijfel trekt dat hij ooit heeft geleefd. Hij gaf er tevens blijk van te geloven dat Noach had geleefd en dat de Grote Vloed in diens dagen had plaats gevonden.
De Methuselah wordt geacht 4700 jaar oud te zijn, wat inhoudt
dat de Vloed na ca. 2700 voor onze jaartelling moet hebben plaatsgevonden. Dit klopt met de historische gegevens in Het Grootste Geschiedenisboek dat de Vloed dateert op 2300 vC. omdat Noach in die tijd leefde. Daar nu geen vochtplekken in de piramiden sporen hebben achtergelaten, moeten deze bouwwerken van na de Vloed dateren. Het bouwjaar van de piramiden valt derhalve binnen de recentere datum van 2300 jaar vC. (waarbij anderen vaak spreken over 1000 of meer miliennia eerder).
In ca. 1925 vC heerste er in Kanaan, waar de alom bekende Hebreeër en patriarch Abraham woonde, een hongersnood, de eerste opgetekende. De man inmiddels machtige was gedwongen met zijn gezin naar Egypte af te reizen waar voldoende voedsel voorradig bleek te zijn. Kennelijk was hij zeer groot van naam, en groot (machtig) genoeg om tot zelfs de koning van dat land toegelaten te worden, want dat was het geval. Daar ervaarde hij dat een Egyptische koning met de titel 'Farao' werd aangeduid (Gen. 12:15). Dit werd de eerste vermelding in de geschiedenis van een titel voor een Egyptische monarch, hoewel die daar niet met naam en toenaam wordt genoemd. Op dit moment zijn we aangekomen in 1925 vC., terwijl Egypte toen reeds een georganiseerde natie bleek en er inmiddels een dynastie van Farao's regeerde. Als moment is dit ca. 445 jaar na de vloed.
De bouw van de bekende toren van Babel werd in 2230 in de stad met dezelfde naam ter hand genomen, maar sukses bleef uit. Ze werd niet afgebouwd ook als dachten de architecten dat de stad als Gods regeringscentrum niete zou gaan dienen. Vanaf 2230 gingen groepen mensen die dezelfde taal spraken, na de verwarring, zich over de aardbol verspreiden en er kwamen dan ook enige van hen in wat nu Egypte heet te wonen. Apart is op te merken dat dit land al van ouds in het Arabisch met Misr als synomiem wordt aangeduid, een verbastering van het Hebreeuwse Mizraim. Deze laatste was nl. de als tweede aangeduide zoon van Cham (zoon van Noach) en hij werd derhalve de stamvader van de Egyptische volksstammen.
Egypte wordt wel aangeduid als de eerste wereldmacht op aarde. Zij is ook de eerste georganiseerde staat waar de geschiedenis melding van maakt. Zij is derhalve ontstaan na de spraakverwarring in 2230, maar voor 1925 toen Abraham naar Egypte afdaalde voor brood. Als we er ruim 200 jaar voor uittrekken om een wereldmacht te kunnen organiseren, dan komen we uit op ca. 2030 als het ontstaan van Egypte als een gecontroleerde natie en het begin van een faraoische dynastie. En een van die farao's is begonnen met het bouwen van een piramide, eerst primitief, maar later volmaakt zoals die van Cheobs. Als men daar ook een paar honderd jaar voor heeft moeten ploeteren, dan kan Cheobs dateren van ca. 1800 vC., wel enige eeuwen later dan men algemeen als egyptoloog te boek stelt. Het is beter dit te accepteren, dan uit de hand geblazen jaartallen voor te schotelen. De enige chronologie van Egype is een niet Egyptische moeten we concluderen.
|
|
Over de Egyptische piramiden
Inleiding
U it de oudheid zijn zeven antieke wereldwonderen bekend waarvan er zes niet meer te bewonderen zijn: het Mausoleum van Hallicarnassus (Klein-Azië), de tempel van Artemis (Turkije), de vuurtoren Kolossus op Parthos voor Alexandrië, het beeld van Zeus op de Olympus (Gr) en de hangende tuinen van Babylon (ter informatie: men wil er nieuwe wereldwonderen voor in de plaats; enkele candidaten zijn: de Chinese Muur, het Colosseum te Rome, de Moai-beelden op Paaseiland in de Stille Oceaan, de Taj Mahal tempel in India's Akra, de Griekse tempel Akropolis te Athene, de Incastad Machu Picchu in Peru en het jungel tempelcomplex Angkor Vat in Cambodja). Wel nog kunnen we ons laten imponeren door het enig overgebleven zevende wereldwonder én een van de weinige oudheden waarvoor geen opgravingen behoefden te worden verricht, de drie bekendste Egyptische piramiden, die te Gizeh. Enigszins aangetast door de tijd hebben deze machtige restanten van de Egyptische Gouden Eeuw beschaving tientallen eeuwen in volle glorie staan pronken in een blakerend hete en barre woestijn tot ze enkele eeuwen geleden als het ware opnieuw werden ontdekt en in de twintigste eeuw allernauwkeurigst werden onderzocht.
In de oudheid, al die tijden voorafgaand aan het moment waarop Europeanen naar Egypte kwamen, zoals generaal Napoleon (die toen bijna gelijk kreeg met zijn uitspraak: '... veertig eeuwen kijken op u neer.'), lijkt er niet veel aandacht aan deze enorme bouwsels te zijn geschonken. Zelfs niet door Alexander de Grote in de vierde eeuw vC, want we vinden daarover helemaal niets geschreven. In ieder geval niet meer dan dat ze inmiddels leeggeroofd waren door grafschenners.
Vrijwel niemand, voor zover we kunnen nagaan, heeft in de loop der geschiedenis gewag gemaakt van deze opmerkelijke bouwsels, behalve misschien Diodoris van Cicilië ten tijde van de Romeinse keizers Caecar en Augustus. Hij schreef niet alleen onder de indruk te zijn van de grootte van deze bouwwerken, maar ook door de schoonheid ervan. De oorspronkelijke bouwers, de Egyptische koningen of farao's, noch hun bouwmeesters, hebben iets over de bouwwijze op schrift gesteld en aan ons nagelaten. Dit gaf natuurlijk ruimte voor discussie en mythevorming, en sommigen gingen aan de vormen en maten van deze bouwwerken (geheime) mathematische eigenschappen toekennen. Niet te weerleggen valt inderdaad de nauwkeurigheid waarmede gebouwd is, zoals de nauwkeurige maten van de zijden en de richtingen van het grondvlak die ongelooflijk precies zijn.
Een ernstige vraag is; waarom werden deze reusachtige stenen bouwwerken geconstrueerd. Dan formuleert men drie redenen, de estetische, de mythische en de symbolische motivatie. We kunnen er inmiddels van uitgaan dat deze hand in hand gingen, ofte wel, de tijd was er gewoon rijp voor. We gaan er verder dieper op in.
|
Egypte dankt zijn bestaan in hoofdzaak aan de rivier de Nijl. De oude Griekse historicus Herodotes noemd Egypte 'het geschenk van de Nijl'. Dat was goed opgemerkt, want de onwaarschijnlijk regelmatige jaarlijkse overstroming van de Nijl hebben steeds vruchtbare grond achtergelaten en het water geleverd dat gewassen nodig hebben om te kunnen groeien en voor vissen om in te kunnen wemelen. Vroeger leefden er o.a. in de Egyptische wadi's veel meer wilde dieren dan de tegenwoordig nog bekende nijlpaarden, krokodillen en ibissen. Een heel enkele keer bleef het wassen van de Nijl uit en dan volgde er hongersnood, maar over het algemeen was Egypte de korenschuur van het Midden-Oosten en Afrika. Het water van de Nijl, de misschien wel langste rivier ter wereld, heeft vanaf een hoogte van 1100 mtr. in Ethiopië

zo'n 6700 km. afgelegd via het Nijl-delta voor het uitmondt in de Middellandse Zee. Langs de laatste kleine duizend km. heeft de rivier levensadem gegeven aan drie tot een maximaal vijfentwintig km. breed dal waar de natie Egypte zich heeft ontwikkeld als een van de oudste bekende volkeren en eerste wereldmacht der aarde. Ze heeft lang vervlogen roem gekend, maar werd ook diverse keren overheerst. De Nijl is de levensader van het land o.a. voor water en transport. Er leven krokodillen in en hippothamussen en tientallen soorten vogels. Farao's hebben erin gebaad, volken eruit gedronken en de bewoners eromheen ervan geleefd. Zonder de Nijl was Egypte er niet geweest, het gebied zou ook gewoon woestijn zijn geworden.
Over deze rivier werden ook de bouwstenen voor de piramiden met schepen aangevoerd vanuit de verre steengroeven. Want die bevonden zich bij de waterval van Assoean, duizend km. hoger dan de bouwplaats van de piramiden nabij Cairo. Het moet een hele kluif geweest zijn de benodigde enorme tonnen wegende blokken vermoedelijk nog ongehouwen rots naar de plaats van bestemming te krijgen. Het op een nijlschip laden was reeds een moeilijke opgave, evenals het transport over water daarna, maar daarna moet de ontscheping van deze zware rotsblokken moet veel vindingrijkheid en energie gepaad zijn gegaan. Alsmede vervolgens weer de verplaatsing naar het bouwterrein van de piramidale bouwwerken. Decenialang moest toen ook rekening worden gehouden met de stand van het nijlwater, dat per seizoen verschilde, maar dat wel voor vruchtbaar land zorgde waardoor Egypte kan zijn wat het is geworden. Echter, deze regelmatig overstromingen veroorzakende waterhoogteverschillen zijn er nu niet meer; de bouw van een stuwdam bij Aswan - of Assoean - heeft deze regelmaat onderbroken. Alleen het volk van en rondom de piramiden, dat het zonder preciese geschiedschrijving moet stellen, is gebleven.
Het grote meer dat zou ontstaan na de bouw van de dam zou enkele belangrijke en typische Egyptische oude kuntwerken onder water doen verdwijnen. Een ervan is de door Ramses II gebouw Aboel Simbal tempel. Het werd een zware klus, maar de tempel is in stukken gezaagd en elders weer netjes in elkaar gezet.
Ja, Egypte: het land van de farao's, de piramiden, de sfinx, de mummies, de koningsgraven, de Nijl, de krodillen, de ibis, het nijlpaard, papyrus, de woestijn, de warmte en een eigen typische cultuur. De Egyptische geschiedenis ademt altijd een naar wat geheimzinnig-mytische nijgende sfeer, waarbij straffen op het openen van de graven menigvuldig voorkomen. Een gehiemzinnigheid die niet alleen is vanwege de typisch oosterse cultuur van het land, maar mede door haar bijna ongedocumenteerde mytische verleden. Als oude en misschien eerste wereldmacht heeft deze natie daarover vrijwel niets op schrift gesteld
achtergelaten. Dit is wellicht mede veroorzaakt doordat de farao's niet regeerden via wetgeving, maar per decreet, hetgeen nog wel eens persoonlijke belangen betrof die door opvolgers niet werden erkend en zodoende verdoezelden voor de geschiedenis en kennelijk ook nog eens de verdere ontwikkeling van het land in de weg stonden. Hetzelfde komen we tegen in de islaam, dat ook een tijd van redelijk grote bloei kende doordat eigen belangen tijdelijk konden worden verwezenlijkt, maar door algemeen onacceptabele interesses werd genegeerd en in tegendeel niet tot blijvende welvaart en ontwikkeling leidde. Beide hebben geen motivatie tot verbreding van interesses uitgedragen, hetgeen tot inactiviteit heeft geleid.
Egyptische hiërogliefen op tomben, sarcofagen en obelisken vormen de enige bronnen voor kennis over dit land. Enig inzicht in het Egyptische leven hebben we verkregen door opmerkingen op ostraka, enkele honderden potscherven waarop - goedkoop dus - berichten werden geschreven. Ze zijn in het begin van de 19e eeuw door de Engelse egyptofiel W. J. Banks gevonden onder het zand dat ze duizenden jaren verborgen had gehouden. Na onderzoek bleken het belastingreçu's te zijn die ook nog eens interessante informatie over het dagelijks leven van de toenmalige Egyptenaren bevatten. O.a. van de 63-jarige Patsibtis die tot op die leeftijd wettelijk een personele belasting moest betalen. De meeste Egyptenaren haalden toen die leeftijd niet, dus vrijwel iedere rijke viel onder die heffing.
Zelfs nadat in de negentiende eeuw het hiërogliefenschrift werd ontraadseld, was men in feite nog niet veel wijzer geworden en bleef er die geheimzinnige waas over het verleden van het land hangen.
Het oer-Egypte was een stammen-conglomeraat. Het land was verdeeld in 42 gouwen die tijdens de vorming en tot het einde van het rijk in Neder-Egypte en Opper-Egypte als regeringsstructuur dienst bleven doen. Het uiterlijk van de vroege Egyptenaren moet beschreven worden als klein, tenger en met een donkere huidskleur.
Het oud-Egyptische woord farao, per-aa, betekende oorspronkelijk 'groot huis', waarmede het gouvernementsgebouw werd bedoeld. Maar lanzamerhand is die uitdrukking als titel overgegaan op de bewoner van dat huis, de hoogste regeerder, zodat het woord koning werd vervangen door farao. Het eerste historisch gedocumenteerde contact van een buitenlander met een farao was dat van de Hebreër Abram, die daar heen was getrokken om aan de hongersnood in zijn oorspronkelijke woonomgeving te Kanaän te ontkomen. Dit moet omstreeks 1975 vC zijn geweest. In die tijd regeerde er dus reeds een als farao aangeduide heerser. Maar met name genoemd werd er geen.
Men heeft enig inzicht in de elkaar opvolgende farao's aan de hand van archeologische vondsten, maar dit heeft toch een zeer betrekkelijke betekenis. Het grootste raadsel echter blijft wie de bouwers en wat het bouwjaar van de kolossale piramiden zijn. Wat zijn we daarover te weten gekomen.
Op geen van de piramiden staat een anno domini, het bouwjaar. En op- of zelfs afgeschreven Egyptische chronologische gebeurtenissen op papyrus zijn niet voor handen. Als we al wel wat aanknopingspunten hebben, komt het hoofdzakelijk op gissen neer. Doch, gissen leidt vaak tot vreemde conclusies. In een wereldbekend populair wetenschappelijk boekwerk bijv. kunt u lezen dat de faraoïsche dynastie begon in de 4e eeuw vC. De bouw van de piramiden vond volgens dit zelfde werk plaats in de 3e eeuw vC. De meeste egyptologen zullen intussen als hun mening te kennen geven dat deze data ver bezijden de waarheid zijn. Echter, hoe komen we nu aan tijdsaanduidingen die niet alleen aanvaardbaar zijn, maar in feite ook nog eens wetenschappelijk ondersteund.
Er is een aanknopingspunt om dit op een redelijk aanvaardbare en toch wel iets nauwkeuriger wijze aan te tonen. Terloops zij opgemerkt dat piramiden ook elders in de wereld werden en worden aangetroffen, zoals de zigurets in Mesopotamië en tegenwoordig eveneens nog in Mexico. Kennelijk werd deze bouwaard tijdens de babelse emigratieperiode samen met de talen meegenomen. Maar slechts in Egypte heeft ze een imponerende omvang gekregen. Deze monumentale en imponerende reuzenbouwwerken werden slechts tijdens
een korte periode in de Egyptische geschiedenis gebouwd. Men denkt dat deze plotselinge bouwexplosie een begin had tijdens de regering van farao Djoser (3e dynastie) met een poging een op een piramide aandoend bouwwerk te construeren bij Sakkara, de z.g. Trappenpiramide meet een hoogte van 105 meter. Deze vorst is tevens verantwoordelijk voor een geheel ander materiaal om te bouwen, nl. gehouwen rots uit natuursteengroeven in plaats van gebakken stenen, wat tot op dit moment gebruikelijk was naast hout. Misschien was het idee afkomstig van de eerste bekende wereldlijke architect in de geschiedenis, nl. Imhotep, zoals uit hiërogliefen naar voren komt. Bijna een eeuw later komen we bij farao Snefroe die te Medoem iets dergelijks wilde bouwen, maar kennelijk op constructieproblemen stuitte, zodat er een gedeeltelijke instorting van het werk plaats vond.
Kunnen we nu op de een of andere manier achterhalen wanneer de grondlegging van deze Egyptische meesterwerken heeft plaatsgevonden?
Hierbij kunnen we van iets opmerkelijks uitgaan. Want nooit heeft enig egyptoloog er melding van gemaakt dat er in een piramide water heeft gestaan of dat er een aanwijzing was dat dit mogelijk het geval is geweest. Daarom is het verantwoord te redeneren vanaf het moment van de grote wereldomvattende Vloed zoals die wordt vermeld in het Oudste Geschiedenisboek Ter Wereld. Deze wereldramp vond plaats in de jaren 2370/2371 vC. Aanvankelijk bleven de overlevenden en hun nakomelingen bij elkaar wonen op de vlakte
van Sinear, tegenwoordig aangeduid als Oost-Turkije, een stukje oud-Armeens bergland. Het leek erop dat zij daar een pseudo-religieuze technocratische stadstaat wilden stichten en van plan waren daartoe in een te bouwen zeer hoge woontoren te vestigen. Tijdens de bouw echter bleek op een gegeven moment dat zij elkaar niet meer konden verstaan en begrijpen. Door de ontstane linguistische communicatiestoornis stokte de bouw en onder druk hiervan verspreidde de bevolking zich vanuit dit centrale punt in alle richtingen over het aardoppervlak. Dit vond plaats tijdens het leven van de Hebreër Peleg die stierf in 2030 vC. De spraakverwarring zou dan gedateerd kunnen worden op ca. 2100
vC, omdat deze man in 2269 vC, een eeuw na de vloed, werd geboren. Het Hamitische volksdeel migreerde toen onder druk van het taalprobleem richting Arabië en Afrika waar een groep van hen aan de vruchbare oevers van de Nijl bleef hangen. In die tijd was dat een goede potentiële basis voor economische welvaart en ook macht, want het was de enige vruchtbare streek land in het nabije Noord-Afrika. Geholpen door de natuurlijke omstandigheden en politieke druk begon zich in Opper- en Neder-Egypte een economische en militaire groot- of wereldmacht te ontwikkelen: de eerste georganiseerde staat in de wereldgeschiedenis, Egypte, begon geboren te worden. Dit heeft ten hoogste tot twee eeuwen in beslag kunnen nemen, hierbij bedenkend dat Amerika er anderhalve eeuw over heeft gedaan om van niets tot een wereldmacht uit te groeien. Wat techniek betreft dienen we te beseffen dat de Grieken reeds in de eerste eeuw voor onze jaartelling het mechanisch zeer ingewikkelde antikythera astrolabium mechanisme beheersten. Archimedes moet hiervan kennis hebben gehad. Veel eerder dan men vaak wil toegeven, bezaten volkeren kennis en geavanceerde mogelijkheden die eerst ondenkbaar werden geacht.
Maar inmiddels zijn we zo in de jaren 1950 vC beland. Het ging nog honderden jaren duren voor het rijk zijn grootste bloei zou ervaren, maar inmiddels waren al wel de farao's aan de macht geweest die de piramiden bouwden. Dat zou dus na het laatst genoemde jaar moeten zijn.
Deze farao's lieten zo'n honderd piramiden achter waarvan de drie grootste en bekendste de enorme drie reuzen te Chizeh zijn. Deze drie meest majestueuze architectonische bouwwerken, vervolmaakt in bouw door de inmiddels opgedane ervaringen, staan op de kalkstenen vlakte van Chizeh ten zuiden van Cairo. Zij zijn dankzij hun zeer stabiele constructie goed bewaard gebleven. De buitenste witte kalksteenlaag is in de loop der tijden grotendeels verdwenen op een stukje na aan de top van de tweede piramide.
De eerste, en grootste, werd gesticht door Cheops, de griekse naam voor Koefoe, de zoon van Snefroe. Hij liet deze Grote Piramide bouwen die tot 146 meter hoog reikt, terwijl het grondoppervlak zo'n 52.000 vierkante meter - vijf hectare - bedraagt. Ook had deze piramide de juiste hellinghoek, zodat er zich tijdens de bouw geen problemen voordeden. De vaardigheden en nauwkeurigheid van de bouwmeesters komt ook tot uiting in de lengte van de vier zijden die tot op een decimeter aan elkaar gelijk zijn. De tonnen wegende bouwstenen waren millimeterglad afgewerkt en pasten precies aan en op elkaar. Er is geen monument zo dikwijls nagemeten als deze piramide, die ook intern nogal wat te ontdekken had doordat er een uniek en ingenieus gangenstelsel in was aangebracht door de bouwers. De belangrijkste van de drie grafkamers, waarin o.a. de sarcofaag met de gemummificeerde restanten van de vorst werden geborgen, ligt op 45 meter boven het grondoppervlak. Daar de deksel van de sarcofaag op mysterieuze is verdwenen, vraagt men zich af hoe die door het nauwe gangenstelsel moet zijn vervoerd door de grafschenners. Maar mede omdat de vier zijden van de de sarcofaag bovenaan zijn afgerond, kan het antwoord gewoon zijn dat er nooit een dekselplaat is geweest. In de sarcofaag werd de mummie Cheops neergelegd, het gelaat bedekt met een gouden masker zoals we dat kennen van Toetankamon. De cheopspiramide is opgebouwd uit 2,5 miljoen blokken gehouwen kalksteen en graniet van ieder 2,5 ton. In totaal hebben de bouwlieden zo'n 6,3 miljoen ton natuursteen keurig op elkaar gestapeld tot de inmiddels zo bekende piramidevorm.
De tweede grote piramide van het overweldigende trio is die van farao Chefren (4e dynastie), de zoon van Cheops, die ook de bouwer van de ruim 500 meter verderop staande grote sfinx was. Weliswaar torent deze piramide boven de eerste uit, doch dat vindt zijn oorzaak in het feit dat deze op een iets hoger liggend grondvlak werd begonnen, want Chefren is 10 meter lager van gestalte dan zijn voorganger. Het is de enige die aan de top nog een stukje oorspronkelijke gladde bedekking heeft wat zo kenmerkend voor deze piramide is geworden. Omdat dit bouwwerk intern minder complex is - dan die van Cheops -, is er minder onderzoek aan verricht. De beroemde sfinx is uit een enorm stuk rots gehouwen en beeldt een liggende leeuw uit wiens kop de (beschadigde) gelaatstrekken van Chefren heeft.
De derde en relatief kleinste van de drie is de piramide van Mykerinos die 65 meter hoog is. Deze is vrij klein vergeleken met zijn twee grote broers en ook ruiger van afwerking en vormgeving. Het heeft het uiterlijk van een haastig afgewerkt product, misschien zelfs voortgezet door een zoon of schoonzoon na het overlijden van Mykerinos. Hoewel ook van de vierde dynastie, is er over deze farao in feite niets bekend.
Deze geweldige granieten geweldenaren uit de oudheid geven aanleiding het Oud-Egyptische rijk als het Rijk van de Piramiden aan te duiden. Deze nalatenschappen van een wereldmacht tonen overduidelijk aan waartoe men in de oudheid reeds in staat was, al komt het soms overweldigend ongeloofwaardig op ons over. Wij zijn immers gewend aan technologieën en technieken zonder welke deze maatschapppij niet mogelijk was. Zelfs de oude Eiffeltoren vinden we reeds een wereldwonder omdat we ons afvragen hoe ze toen te werk zijn gegaan bij de bouw ervan.
|
Constructie en bouwtechnieken |
Er is berekend dat de huidige prijs voor de bouw van een piramide bestaande uit 2,3 miljoen gehouwen
stenen blokken op miljarden euro's zou uitkomen. Hierbij wordt dan wel gebruik gemaakt van de modernste technieken. Maar in de tijd van de oorspronkelijke bouwers waren er geen moderne technieken; alles was handwerk en met zeer beperkte gereedschappen. Derhalve des te meer bewondering voor de architecten en constructeurs uit die tijden. Zoals van bijna alles, hebben de Egyptenaren ook van de bouwtekeningen van de piramiden niets overgelaten. Maar aan de hand van het uiterlijk van deze bouwwerken kunnen we duidelijk vaststellen dat het in dit opzicht wel knappe, maar geen ervaren bouwmeesters waren. Voordat de toenmalige architecten de juiste hellinghoek (51°) van de zijden te weten waren gekomen, hadden ze door instortproblemen bij de bouw
van een eerste piramide gezien dat de gekozen helling niet zomaar willekeurig kon worden gekozen. Daardoor komen we piramiden tegen met een verschillend uiterlijk, voornamelijk door gewijzigde hellinghoeken tijdens de bouw. De eerste was de knikpiramide omdat men de juiste hellinghoek nog niet kende. Vervolgens bouwde men een piramide die halverzwege de bouw in het midden inzakte. De vier hoekpunten rustten wel op een massieve, maar in het centrum was een zachte grondlaag aanwezig en er ontstond een icentrale instorting. Toen bouwde men onder een andere hoek verder.
Hoe was het mogelijk een dergelijk gigantisch bouwwerk voor die tijd zo waterpas te bouwen? De vraag beantwoordt het zelf: met water. Een sleuf over de hele breedte en lengte van de piramide werd gegraven en gevuld met water. Op de hoekpunten werden aldoende waterpas aangebrachte markeringen aangebracht en het kon niet meer scheef gaan. En de loodrechte justificatie? Is met een eigenlijk simpel werktuig te bewerkstelligen. Een winkelhaak van 90 graden waarvan de zijden evenlang waren en verbonden me een lat. In het miedden van de lat staat een streep. Wanneer de winkelhaak overeind houdt en vanuit de top een touwtje met een gewichtje eraan neerlaat, hangt het toutwje loodrecht wanner het over de streep valt. Even eenvoudig als ingenieus.
Naast de Grote Piramide, die 146 meter hoog is, komen we derhalve, als groteske stadia in de evolutie van de piramidebouw, ook de reeds aangehaalde Trappenpiramide en tevens de Knikpiramide tegen in deze uitermate droge Egyptische woestijn. Alle priamiden werden kennelijk binnen een bestek van 500 jaar gebouwd.
Hoewel sommigen ervan uitgaan dat de Egyptenaren met (arsenicum) gelegeerde koperen werktuigen in de vorm van bijtels e.d. hebben gewerkt, valt dat toch wel te betwijfelen. Het smeden van ijzer was reeds millenia lang een bekende techniek in het Midden-Oosten en in een ontwikkelde samenleving als het Egyptische rijk zal ijzer beslist als materiaal voor gereedschappen hebben gediend. Vooral het bewerken van graniet is met koper toch wel moeilijk te doen. Bovendien, waarom wordt Egypte 'het land van de IJzersmeltoven' aangeduid terwijl men er niet met ijzer zou kunnen omgaan? Welke gereedschappen er verder zijn toegepast is gewoon niet bekend. Men neemt aan dat het wiel niet te pas is gekomen, alhoewel de Egyptische paardenwagens - met wielen derhalve - wel beroemd waren. Allerlei proeven zijn er gedaan om uit te vinden hoe de tonnen wegende blokken werden verplaatst en op elkaar gestapeld, maar een bevredigende oplossing is nog steeds een geheim gebleven. Zelfs met de bekende hedendaagse werktuigen zoals kranen zou de bouw van een piramide nog een groot probleem opleveren voor de aannemer. De meest aannemelijke optie tot nu toe lijkt een helling te zijn, die steeds werd opgehoogd en waarover de blokken werden versleept.
Het moet een werk van enorme omvang zijn geweest en waaraan tien- tot honderdduizenden arbeiders te werk werden gesteld. Omdat in de omgeving van de piramiden rudimentaire overblijfselen van dorpen zijn gevonden, gaat men ervan uit dat er geen slaven maar over het algemeen gewoon arbeiders aan de bouw hebben deel gehad. Misschien hebben sommigen van hen alleen het werk aan de piramiden gekend, want de bouw ervan nam altijd meerdere decennia in beslag. Een Farao gaf wanneer hij aan het bewind kwam opdracht tot de bouw, die dan, als zijn grafmonument en statusymbool, in beginsel voor het einde van zijn leven gereed moest zijn. E.e.a was mede ingegeven door de Egyptische mytische rituelen, waartoe de piramiden behoorden zoals later in West-Europa de grote kathedralen.
|
De Egyptische chronologie |
Dat een natie met zoveel kennis - ze konden goed rekenen, plannen en bouwen - welhaast niets op schrift stelde en zo'n abominabele slechte tijdrekening of chronologie had, is haast onvoorstelbaar. Het vak van geschiedschrijver moet een verboden beroep zijn geweest. Hierdoor werden de dingen nauwelijks doorgegeven, er bleef slechts empirische kennis achter, en de reden lijkt voornamelijk dat machtshebbers uit hoogmoed hun voorgangers en hun daden in de tijd verloren wilden laten gaan. En dat is goed gelukt, maar bezorgt egyptologen en archeologen nu ernstige problemen. De door deze wetenschappers gehanteerde datums moeten daarom met zeer veel reserve bekeken worden.
De hedendaagse geschiedenis van het oude Egypte steunt algemeen op de werken van Manetho. Deze zijn niet bewaard gebleven maar worden aangehaald in de geschriften van eeuwen later levende schrijvers,
|
De tabel van Manetho
|
|
De oudste tabel inzake de dynastiën van de Egyptische farao's is de bekende van Manetho zoals hiernaast gepubliceerd. Egyptologen dienen echter te beschouwen dat Manetho hier voor de zoveelste maal wordt geciteerd en de betrouwbaarheid twijfelachtig is geworden. Ze zijn niet bewaard gebleven maar worden aangehaald in de geschriften van eeuwen later levende schrijvers.
|
1. de voor-dynastieke tijd.
2. Het Oude Rijk van 3400 tot 2500, met de 1 t/m de 6e dynastie.
3. Onbekende per. van 2500 tot 2100, met de 7e t/m 10e dynastie.
4. Het Middenrijk van 2100 tot 180, met de 11e en 12e dynastie.
5. De Hyksostijd van 1780 tot 1580, met de 13e t/m 17e dynnastie
6. Het Nieuwe Rijk van 1580 tot 100, met de 18 t/m 20e dynastie
7. Verval van het rijk vanaf 1000 tot 525 (verovering door Perzen).
8. Heerschappij van de Perzen.
|
waardoor we o.a. niet meer kunnen zien wat oorspronkelijke of wat ingevoegde tekst is. In de derde eeuw vC fungeerde Manetho als Egyptisch priester. In zijn werk stelt hij onder meer een tabel van de Egyptische regeringsperioden van koningen of farao's op en verdeelt deze tevens in dertig dynastieën van drie perioden, het Oude Rijk, Het Middenrijk en het Nieuwe Rijk. Er is niets tegen deze indeling, maar de vermelde tijdperken en jaren zijn onlogisch. Andere bronnen die aan de hand van deze indeling kunnen worden geplaatst zijn de Steen van Palermo die vijf dynastieën vermeldt en als eerste stukje Egyptische geschiedenis wordt gezien. Dan is er de Turijnse papyrus die een fragmentarische lijst met koningen bevat vanaf het Oude Rijk tot in het Nieuwe Rijk. Tevens beschikt men over enige andere inscripties, en al deze worden geordend in de tijd aan de hand van de overleveringen van Manetho, want meer is er niet voor handen.
Langzamerhand begon zich een door koningen, die langzamerhand farao's werden genoemd, bestuurde staat te ontwikkelen in een als het Faraoïsche Tijdperk aangeduide era. Het woord 'farao' betekende oorspronkelijk het 'hoge huis', waarmede de woning van de farao werd aangeduid. Maar in de loop der tijd is deze aanduiding op de bestuurder van het land overgegaan waardoor deze de koningstitel Farao kreeg. Zij waren tevens het hoofd van de geestelijke belevenis der Egyptenaren, die veel weg had van die van de Babyloniërs. Dat ook vrouwen de titel Farao konden bemachtigen blijkt uit de geschiedenis van Cleopatra, de laatste bestuurder van een zelfstandig Egypte. De periode van redelijke voorspoed en goed regeren duurde tot het land werd veroverd door Alexander de Grote in 323 vC, toen er een eind kwam aan een zelfstandig anderhalf millennium oud Egyptisch tijdperk.
De genoemde era wordt
algemeen in drieën opgedeeld, nl. het Oude, het Midden en het Moderne Rijk. Ook spreekt men van drie tijdperken van dynastieën. Het Oudste Rijk werd geregeerd door de faraoïsche dynastieën I en II. In de loop der tijd weet koning Menes van Opper-Egypte samen te voegen met beneden-Egypte nadat hij de koning van de laatste had overwonnen. Manetho noemt Menes als eerste farao. Vervolgens komt het Oude Rijk in beeld met de dynastieën III t/m VI. We bevinden ons nu in ca. 1900 tot 1800 vC in welke periode o.a. farao Sozer regeert. Kennelijk is hij de bouwer van de oudste piramide te Sakkara. Egypte werd toen een bloeiende staat en o.a. de Cheobs piramide te Chizeh werd gebouwd, naast de piramiden van Chephren en Mykerinus.
Op deze wijze blijkt de bouw van de drie grote piramiden dus eigenlijk bijna een millennium later in de tijd geplaatst te moeten worden dan algemeen wordt aangenomen. QED.
* - *
|